ACTRICE JEANNE MOREAU: ‘Het is nooit te laat om het leven te ontdekken’

Zwarte kolen van ogen. Een gezicht dat de sporen van een gulzig bestaan draagt. Maar als ze met haar doorrookte stem begint te praten, is ze daar: de jonge, vurige vrouw uit Truffaut’s Jules et Jim. Jeanne Moreau over ouder worden, de dood en vreemde dromen.

Jeanne Moreau steekt een sigaret op, de eerste van vele. Zevenenzeventig is deze grande dame van de cinema, en in topvorm. We hebben een uur om over Le temps qui reste te praten, de film van de Franse regisseur François Ozon waarin ze de grootmoeder van een arrogante modefotograaf speelt die te horen krijgt dat hij een ongeneeslijke vorm van kanker heeft. Hij laat zijn familie in het ongewisse, breekt met hen. Enkel zijn grootmoeder neemt hij in vertrouwen. Omdat, zo zegt hij, zij net zo dicht bij de dood staat als hij.

Is ‘dicht bij de dood staan’ een beangstigende gedachte voor u?

JEANNE MOREAU: Integendeel. Mensen sterven nu eenmaal, net zoals ze twee armen en benen hebben. Erover te piekeren heeft geen zin. Wat ik vervelender vind, is de ouderdom. Het hoofd en het lichaam willen niet meer zo mee. Maar ik sta niet elke ochtend op met de gedachte: ‘Mon dieu, ik ben oud, binnenkort ga ik dood.’

Het grote thema van Le Temps qui reste is dat je alleen wordt geboren en…

MOREAU: …dat je alleen sterft. De mens is fundamenteel eenzaam. Dat je samenleeft met anderen doet daar niets aan af. Elk individu legt een andere weg af. Dat neemt niet weg dat je niet dicht bij iemand kunt staan. Ik ben niet gelovig, maar ik volg moeder Teresa als ze zegt dat alleen liefde kan helpen. Je kunt luisteren en troosten. Maar je kunt niet binnendringen in iemands ziel, je kunt de eenzaamheid niet wegnemen. Je kunt niets doen behalve aanwezig zijn.

‘Ik ben niet gelovig, maar ik volg moeder Teresa als ze zegt dat alleen liefde kan helpen’

In de film wil het hoofdpersonage geen liefde. Hij trekt zich terug.

MOREAU: Hij reageert instinctief, zoals een dier. Ik vind zijn parcours een initiatie in waardigheid. Dat is de zoektocht van François Ozon. Behalve 8 Femmes gaan zijn films,  over de dood. Sous le sable gaat over het aanvaarden van de dood, 5 x 2 gaat over de dood van de liefde tussen een koppel. Le temps qui reste gaat over de aftakeling van het lichaam van een jongeman die daar op zijn eigen manier mee omgaat. Hij is agressief, maar kiest ook voor de eenzaamheid, waarbij hij erg veel ontdekt over zichzelf en het leven. Eenzaamheid is noodzakelijk. Let wel, er is een groot verschil tussen eenzaamheid en isolement. Isolement, het gevoel dat niemand om je geeft, is erg. Maar eenzaamheid… Ik praat met veel mensen, elke ontmoeting laat sporen na. Ik heb het nodig om af en toe alleen te zijn. Om te herbronnen, om na te denken.

U hebt een vol leven geleid.

MOREAU: Het is vooral een lang leven, daardoor lijkt het zo vol. Vroeger vond ik het erg dat ik oud werd, maar nu heb ik geaccepteerd dat het leven een geschenk is. Een vergiftigd geschenk af en toe, het heeft duistere kanten. Maar ook veel heldere momenten. De kunst is om beide te omarmen.

Vandaag heeft men de neiging het leven te negeren. Het beeld dat wordt verspreid in magazines is dat van jeugd, van snel succes, van rijkdom. We leven in een tijdperk van consumptie. Mensen moeten beseffen dat het leven rijk is, of je nu twintig, veertig of zestig jaar bent. Vooral vrouwen hebben het daar moeilijk mee. Zolang ze kinderen kunnen krijgen hebben ze een functie, maar na de menopauze zijn ze niet meer interessant, want hun taak zit erop. Daarom wil een vrouw van vijftig er vandaag nog altijd als vijfendertig uitzien, ze wil meetellen. Vrouwen vermijden van jongs af het verouderingsproces, zoeken de eeuwige jeugd. Dat is absurd. Dat is een leven gebaseerd op angst om te worden afgewezen. Het leven is pas vol als men de tijd die men heeft, benut om alle fases ervan te doorleven.

‘Het leven is pas vol als men de tijd die men heeft, benut om alle fases ervan te doorleven’

U zegt dat acteren voor u geen vak is maar een roeping.

MOREAU: Roeping wordt meestal in een religieuze context gebruikt, voor mij betekent het dat ik wilde acteren en niets anders. Al was er ooit een periode dat ik het voor bekeken hield. In de jaren zestig wilde ik gaan samenwerken met een kinderarts die zich verdiepte in de psychosomatische geneeskunde. Ik verdiepte me in de materie, was klaar om alles op te geven en dokter te worden. Tot ik erover begon tegen mijn vriendin Marguerite Duras. Zij zei: ‘Jeanne, zoiets doe je niet. Je gaat in tegen de orde van de dingen. Je hebt een bijzondere gave. Schuif die niet zomaar aan de kant.’ Ze had gelijk.

Misschien verricht u als actrice ook therapeutisch werk.

MOREAU: Daar ben ik van overtuigd. Hoe vaak gebeurt het niet dat een goede film zalf voor de ziel is? Het zijn niet alleen de grootse daden die tellen. Door elke dag opnieuw te proberen je leven zo vlekkeloos mogelijk te leven verander je de wereld ook.

‘Droomduiding is de bron van alle vergissingen’

Zonet had u het over herbronnen. Houdt u een dagboek bij?

MOREAU: Dat gebeurt. Soms noteer ik losse woorden, soms verhaaltjes. Des bêtises. Zoals een jong meisje dat doet. Ik teken ook, omdat dat sneller gaat. Kabbalistische figuren in een code die voor mij betekenis heeft. Soms vergeet ik die code, maar het komt altijd terug. Ik hou ook mijn dromen bij. ’s Ochtends, zo rond een uur of zes, heb ik zeer levendige dromen. Deze ochtend droomde ik dat iemand me een baby gaf in een linnen tas. Men zei me dat ik hem moest reanimeren, want het was mijn zoon. Ik keek in de tas en de baby had een masker op, met gesloten ogen. Hij hing vol met pleisters en draden. Geen idee wat het betekent. Misschien zal ik binnenkort een grote volwassen baby ontmoeten, die ik moet reanimeren? Misschien ben ik wel de baby…

Gelooft u in droomduiding?

MOREAU: O nee! Droomduiding is de bron van alle vergissingen. Meestal ontdek je snel genoeg wat zo’n droom betekent. Ik zie het wel als het gebeurt.

Dit artikel verscheen in De Morgen van 30 november 2005.

BewarenBewaren