STRAKS VAL IK DOOR DE MAND!

Zelfs Meryl Streep heeft het idee dat haar succes er kwam door toeval en geluk, niet door competentie. Onderzoek wijst uit dat 60% van de carrièrevrouwen het gevoel hebben dat ze niet zo slim of goed zijn als iedereen wel denkt. Hebt u ook last van het Impostor Syndroom?

‘Heel lang heb ik gedacht dat ik een oplichter was. (…) Ik schaamde me rot. Hoelang kon ik het nog volhouden: laten uitschijnen dat ik aan een boek werkte, terwijl ik geen benul had van waar ik mee bezig was? En de rest van de mensheid naar haar werk ging en allemaal gerechtvaardigde dingen deed.’

Dat zei de 27-jarige Nederlandse schrijfster Niña Weijers eind augustus 2014 in een interview in DS Weekblad. Weijers was in mei gedebuteerd met de verrassende en originele roman De consequenties. Het boek kreeg overal vier of meer sterren, ging binnen de maand in herdruk, de recensies zijn stuk voor stuk lovend. Een groots debuut, zegt men, dat tintelt van ambitie en borrelt van boeiende gedachten. De jonge schrijfster was dus helemaal niemand aan het belazeren, maar kennelijk voelde het voor haar wel zo aan. Nochtans heeft ze heel wat intellectuele bagage. Ze studeerde literatuurwetenschappen en schrijft al jaren over literatuur. Samen met Simone van Saarloos host ze De Nieuwe Seksistische Talkshow, waarin enkel vrouwen aan het woord komen. Competent is ze zeker, dus zou het kunnen dat Niña Weijers niet zozeer de boel zat te belazeren, maar wel degelijk erg hard heeft gewerkt, terwijl ze zichzelf aan het neerhalen was?

Van de onzekerheid en de schaamte

Klinkt het bekend in de oren? Heb jij ook weleens het gevoel dat het een kwestie van tijd is voordat je door de mand valt? Denk je dat je je successen niet rechtmatig hebt verdiend, maar dat het een kwestie van geluk of toeval was en dat het maar zo lang zal duren tot iemand ontdekt dat je bluft? Je bent niet de enige. Welkom bij de Impostor Club, schrijft de Amerikaanse auteur Valerie Young in haar boek The Secret Thoughts of Successful Women dat in 2011 verscheen. In dat boek kaart ze net dat aan: die knagende zelftwijfel van heel wat succesvolle vrouwen, of wat men in de psychologie The Impostor Syndrome noemt, of het Bedriegerssyndroom. Het gevolg van jezelf niet naar waarde te schatten, is dat je in een negatieve denkspiraal kunt belanden en je eigen mogelijkheden beperkt, zegt Young.

Het impostorfenomeen werd voor het eerst genoemd in 1978. Twee Amerikaanse wetenschappelijke onderzoeksters, Pauline Rose Clance en Suzanne Imes, voerden vijf jaar lang een uitgebreide studie uit aan de Georgia State University, en beschrijven het Impostor Syndroom als ‘het gevoel van intellectueel vals te spelen dat zeer aanwezig is bij vrouwen die op hoog niveau presteren’. Vrouwen die dat ervaren, geloven sterk dat ze niet intelligent zijn, en zijn ervan overtuigd dat ze de buitenwereld vooral laten denken dat ze het wel zijn. Zelfverklaarde ‘impostors’ zijn bang dat iemand uiteindelijk zal ontdekken dat ze effectief bedriegers zijn. Hun succes is niet hun verdienste, maar eerder een speling van het lot, denken ze.

Valerie Young (auteur The Secret Thoughts of Successful Women)

‘Door jezelf niet naar waarde te schatten, beland je in een negatieve denkspiraal en beperk je je eigen mogelijkheden’

Nieuw is het fenomeen dus niet, maar toch bleef het aan onze kant van de oceaan erg lang onder de radar. Daar komt nu verandering in. Van de hand van de Nederlandse bedrijfskundige en coach Vreneli Stadelmaier verschijnt eerstdaags het boek F*ck die onzekerheid. Stadelmaier is de oprichter van SheConsult, een Nederlands coachings- en trainingsbureau voor hoogopgeleide vrouwen. Samen met 12 andere coaches begeleidt ze ambitieuze vrouwen bij het ontwikkelen van hun loopbaan.

Vreneli Stadelmaier: ‘Uit eigen onderzoek bij 600 mensen blijkt dat maar liefst 71% van de vrouwen een discrepantie ervaart tussen hun competenties en hun zelfvertrouwen. Ze zijn getalenteerd en kundig, maar hun gevoel zegt iets anders. Hun gevoel zegt dat wat ze hebben bereikt eigenlijk niet zo veel voorstelt. Alsof er een papegaai op hun schouder zit die voortdurend zegt: ‘Je kunt het niet’. Ze denken dat ze een beeld van zichzelf neerzetten dat niet klopt, maar velen schamen zich voor dit gevoel, omdat onzekerheid ook niet bij hun functie past, dus ze komen er niet snel voor uit. De druk om die zogenaamde maskerade op te houden, neemt bovendien toe naarmate ze succesvoller worden.’

Zoals bij Meryl Streep bijvoorbeeld, de actrice met de meeste Oscarnominaties op haar naam, die in een interview toegaf dat ze vóór elk nieuw filmproject opnieuw haar angsten moest overwinnen: ‘Je denkt: waarom zou iemand nog een film met mij willen zien? En bovendien kan ik niet eens acteren, waarom doe ik dit?’

Leg je interne saboteur het zwijgen op

Stadelmaier onderzocht niet alleen vrouwen, maar ook mannen. Ook mannen kunnen aan het Impostor Syndroom lijden. Alleen: veel minder. Slechts 51% van de mannelijke respondenten gaf aan dat ze zich soms onzeker voelden over hun kunde. ‘Niet alleen hebben meer vrouwen er last van, ze laten zich ook makkelijker belemmeren door dat gevoel. Terwijl mannen toch wel sneller over hun onzekerheid stappen door te bluffen, vinden vrouwen dat moeilijker.’

Dat het over meer gaat dan een beetje nervositeit, blijkt uit andere onderzoeken. Experts menen dat de symptomen van dezelfde aard zouden zijn als de symptomen die worden ervaren door mensen met een milde depressieve stoornis. Het Impostor Syndroom is gerelateerd aan depressie, maar is zeker niet hetzelfde. In elk geval duiken termen als angst, negatief zelfbeeld, frustratie en jobontevredenheid vaak op in de verslagen. Om met die angst en dat lage zelfbeeld te kunnen leven, doen vrouwen de vreemdste dingen. Sommigen gaan nog harder werken en worden workaholics, redeneren dat ze misschien niet weten waar ze mee bezig zijn, maar dat ze zich tenminste wél 150% geven. Een gevaarlijke piste die kan uitmonden in burn-out, omdat ze steeds verder over hun grenzen gaan.

Vreneli Stadelmaier (auteur F*uck die onzekerheid)

‘Bij zelfverklaarde impostors is het alsof er een papegaai op hun schouder zit die voortdurend zegt: je kunt het niet’

Andere haken af en leggen de lat minder hoog, stellen zich low profile op. Sommigen stoppen zelfs met werken om voor de kinderen te zorgen. Er zijn er die opzettelijk onderpresteren, omdat ze nog liever hebben dat men van hen denkt dat ze lui zijn in plaats van incompetent. En dan heb je de types die hun charme in de strijd gooien, en de types die zichzelf saboteren door zich niet voor te bereiden, of erger nog, zich rechthouden met alcohol en pillen. Het Impostor Syndroom kan dus ingrijpende gevolgen hebben op het leven en de carrières van vrouwen. Maar waar komt het gevoel precies vandaan, wie treft het en wat kunnen we eraan doen? Het antwoord op dat laatste zit hem in het antwoord op de twee vorige. ‘Je innerlijke stem het zwijgen opleggen, is een kwestie van te ontdekken waar ze vandaan komt’, zegt Stadelmaier.

‘Ik merkte het op toen we met SheConsult bedrijven begonnen te adviseren in diversi teitsmanagement. Het viel ons op hoe moei lijk het was om daar zichtbare resultaten in te boeken: vrouwen stromen tergend lang zaam door naar de top. Hoe kon dat nu? Het lag niet aan hun talent, het lag niet aan de organisatie, maar veel meer aan de ambitie die afkalfde bij vrouwen tussen de 30 en de 40 jaar. Dat kon toch niet alleen aan hun veranderende gezinssituatie liggen? Tot het mij en mijn collega’s tijdens sessies opviel hoe onzeker die vrouwen zijn. Ik zag dat ik er zelf ook onder heb geleden. Zelf onderzoek is dus nuttig: het leert je waar die onzekerheid vandaan komt, zodat je alert wordt voor die stem en ze het zwijgen kunt opleggen als zelfkritiek onterecht is.’

Hormonen en verwachtingspatronen

Al van in het begin, eind jaren 70 dus, zagen de onderzoekers twee constanten terugkeren. Blijkbaar zouden zowel oude familiepatronen als genderstereotypes meespelen. Zowel Valerie Young als Vreneli Stadelmaier gaan daar dieper op in in hun boeken. Al voegt Stadelmaier er nog een biologische factor aan toe: ‘Hormonale verschillen spelen een rol. Mensen met meer testosteron nemen vaker risico’s. Vrouwen zijn van nature voorzichtiger dan mannen, ze maken zich makkelijker zorgen.’

Ook volgens Jasmine Vergauwe, bedrijfs- en klinisch psycholoog en onderzoeksmedewerker aan de Universiteit Gent, heeft het Impostor Syndroom een sterk biologische basis, al heeft de omgeving uiteraard een invloed op persoonlijkheid. Volgens haar onderzoek liggen een combinatie van persoonskenmerken en omgevingsinvloeden aan de basis van het Impostor Syndroom. Uit de resultaten van haar onderzoek bleek dat een neurotische persoonlijkheid (mensen die vaak angst er varen, zich snel zorgen maken, regelmatig piekeren en zich vaak ongelukkig of on veilig voelen), maladaptief perfectionisme (nooit goed genoeg) en de manier waarop je jezelf evalueert voor 59% de variantie in het impostorfenomeen verklaren. Aan biologische factoren kun je weinig ver anderen, maar voor wie last heeft van IS loont het zeker de moeite om eens te kijken naar hoe ze is opgevoed en hoe ze omgaat met culturele verwachtingspatronen.

Stadelmaier: ‘Ouders hebben uiteraard het beste voor met hun kind, maar ze leggen wel hun wereldbeeld, normen en waarden aan hen op. Denk maar aan het voorbeeld van de vader of de moeder voor wie het nooit goed genoeg is, die een 10 eisen in plaats van een 8 of een 9. Die niet erkennen dat het kind wel erg zijn best heeft gedaan. Zo’n boodschap neem je mee in je volwassen leven, je blijft dat gevoel hebben telkens als je moet presteren. Andere patronen die het Impostor Syndroom in de hand werken, zijn bijvoorbeeld kinderen die kritiekloos worden opgevoed, die nooit worden bijgestuurd en dus op groeien met een onrealistisch zelfbeeld. Ze kunnen niet om met negatieve feedback, en bovendien weten ze niet welke feedback te vertrouwen is.’

Ook de zogenaamde familiemythes en labels kunnen het gevoel van impostor aanwakkeren, schrijft Valerie Young. Als Mieke tot de slimste van het gezin wordt uitgeroepen, zal ze er alles aan doen om dat beeld waar te maken en elke mogelijkheid op falen in de kiem smoren. Dus opvoeding is belangrijk, maar ook mannen krijgen daarmee te maken. Net zo goed spelen culturele verwachtingspatronen mee, wat volgens Young en Stadelmaier maakt dat het Impostor Syndroom meer vrouwen treft dan mannen. ‘Onderhuids leeft nog altijd de gedachte dat vrouwen minderwaardig zijn aan mannen”, zegt Stadelmaier. “Men verwacht van vrouwen dat ze zich bescheiden opstellen, niet dat ze op de voorgrond treden. Vrouwen zitten dus gevangen in een double bind, een pragmatische paradox. Want wat je ook doet, het is nooit goed. Als je bijvoorbeeld akkoord gaat met een te laag salaris, vindt men je een watje. Doe je dat niet, dan ben je pretentieus. Ik raad mijn cliënten aan zich vooral niets aan te trek ken van wat men kan vinden. Vrouwen zijn daar erg gevoelig aan, en houden bovendien lang vast aan conflicten. Wat meer olifantenhuid zou geen kwaad kunnen.’

Strijden tegen stereotypes

Met die stelling is Isabella Lenarduzzi, op richtster van JUMP, een netwerkplatform voor vrouwen met een carrière, het niet helemaal eens. ‘Het klopt dat je als vrouw eender hoe toch veroordeeld wordt, maar ik adviseer vrouwen dat ze vooral trouw moeten blijven aan zichzelf’, reageert Lenarduzzi. ‘Totalitair of zachtaardig, je moet doen wat goed is voor jou. Vecht voor je eigenheid. Je moet je niet als man gedragen om te worden gewaardeerd als een man.’

Isabelle Lenarduzzi (JUMP)

‘Dat we ons extra moeten bewijzen, is niet alleen een gevoel, het is ook echt zo. Dus komt het erop aan om ons als vrouw verder te bevrijden’

Volgens Lenarduzzi is het Impostor Syndroom wel reëel, maar ze voelt verbetering. ‘Dat vrouwen nog steeds niet geloven dat ze recht hebben op hun positie op de werkvloer, is het gevolg van 5.000 jaar mannelijke dominantie. Millennialang hebben mannen er alles aan gedaan om vrouwen een inferieur gevoel te geven. Wat begon als een strategie, werd een echte cultuur, waarin je als vrouw vooral iets kon bereiken door mannen te behagen en te verleiden. Ook in Europa, ja, in landen als Italië en Griekenland zijn vrouwen compleet niets zonder de steun van een man. We zijn ons daar nog veel te weinig van bewust. We denken dat we het goed hebben, dat we alle keuzevrijheid hebben, maar die hebben we niet als je die stereotiepe patronen niet ziet. Hoe vaak wordt een meisje met een wiskundeknobbel niet afgeraden om ingenieur te worden, want hoe zal ze zo’n zware job combineren met een man en kinderen? Vrouwen in de zorgsector, mannen in de technologie, dat beeld wordt nog altijd geprojecteerd, en dat limiteert vrouwen nog altijd. We zijn nog altijd niet vrij van de stereotypes.’

Maar vrouwen zijn goede werkkrachten, weet Lenarduzzi. Dat zijn ze altijd geweest, alleen werden ze niet of onderbetaald. En nog bewijst de loonkloof hoe de bedrijfswereld tegenover vrouwen staat: ‘Zelfs vrouwelijke topmanagers verdienen gemiddeld 37% minder dan mannelijke collega’s. Mannelijke managers hebben een onkostenrekening die gemiddeld 30% hoger ligt dan die van vrouwen. Hoe kun je dan verwachten dat vrouwen niet gaan overpresteren omdat ze zich nog altijd niet aanvaard voelen op de werkvloer, en ze niet geloven dat ze die job waard zijn?’

Stadelmaier en Young wijzen er ook op dat het Impostor Syndroom niet enkel een kwestie van een zelfkritische stem in het hoofd hoeft te zijn. Er zijn omgevingsfactoren die dat soort onzekerheid in de hand werken. De werkvloer kan toxisch zijn, en zeker daar waar nog oude, uiterst mannelijke bedrijfsculturen heersen waar onderlinge concurrentie wordt aangemoedigd en men mensen onder de duim houdt door op hun onzekerheden te spelen. Voor vrouwen kan dat een reden zijn om te vertrekken, desnoods uit het carrièreleven te stappen.

Uit Women Matter, een breed onderzoek van het Britse studiebureau McKinsey, blijkt dat de topposities nog steeds worden gedomineerd door mannen, maar de mythe dat vrouwen niet geïnteresseerd zouden zijn in die functies en liever voor hun familie zorgen, wordt doorgeprikt. De respondenten gaven duidelijk aan te vertrekken uit bedrijven waar een mannelijke monocultuur heerst en men ook van vrouwen verwacht dat ze zich als mannen gedragen. ‘Vrouwelijk is nog altijd een belediging’, beaamt Lenarduzzi, ‘en vrouwen zijn die schizofrene situatie beu. Ze willen niet vermannelijken om te worden aanvaard. Organisaties zouden er goed aan doen die bedrijfscultuur te veranderen. Vrouwen weten intussen maar al te goed wat ze waard zijn op de arbeidsmarkt. Wie zich niet aanpast aan het vrouwelijk talent, zal hen zien wegvloeien en dat verzwakt een bedrijf vooral.’

Toch neemt Lenarduzzi een merkbare verandering waar. ‘We zijn nog maar een dikke vijftig jaar aanwezig op de werkvloer, we hebben in die korte periode de jobmarkt onder druk gezet om ons te accepteren. Maar het gevoel dat het eigenlijk niet klopt en dat we maar beter dankbaar zijn, bleef hangen. Sterker nog: dat we ons extra moeten bewijzen, is niet alleen een gevoel, het is ook echt zo. Dus komt het erop aan om ons als vrouw verder te bevrijden. Dat proces is nu gaande.’

MEER INFO

The Secret Thoughts of Successful Women van Valerie Young, Crown Business (bestaat ook in e-book), http://www.impostorsyndrome.com

F*ck die onzekerheid van Vreneli Stadelmaier, uitg. Prometheus/Bert Bakker, komt uit op 10 oktober 2014 (verschijnt ook in e-book), fuckdieonzekerheid.nl

Dit artikel verscheen in Feeling van oktober 2014.