De M/V achter het trending topic: Inke Hutse

#wijoverdrijvenniet ontstond na een blogpost van Inkelspielchen (Inke Hutse), waarin de auteur als eerste beschreef over de verschillende keren dat ze als meisje en als volwassen vrouw werd lastiggevallen. Het artikel werd meer dan 1.500 keer gedeeld, en er reageerden 150 mensen met soortgelijke ervaringen in de commentaarsectie. In de dagen erna schreven steeds meer vrouwen over hun ervaringen met seksuele intimidatie, en ging de hashtag #wijoverdrijvenniet viraal.

‘Toen Marc Didden op 14 maart in De Morgen schreef dat vrouwen niet moeten klagen als mannen hen naroepen op straat, drong de ernst van zijn woorden nog niet tot me door. Maar een paar dagen later zat ik op café met een paar vrienden. Zij vonden dat mannen en vrouwen allang gelijk zijn. Ja, maar ik moest wel waakzaam zijn als ik ’s nachts alleen naar huis fiets, zei ik. Dat geloofden ze niet. Nu ben ik geen luid roepende feministe, maar daar werd ik zó boos van.

Toen ik thuiskwam, heb ik een tekst geschreven, De intimiteit voorbij, die is verschenen op Charlie Magazine . Ik wilde mijn vrienden vertellen hoe erg het was. Ik schreef over hoe ik als elfjarig meisje al niet veilig was voor grijpgrage handen. Over hoe ik een paar weken eerder nog tussen de benen gegrabbeld werd door een man die zogezegd een spin van mijn lichaam wilde kloppen. Over hoe ik diezelfde week nog was lastiggevallen op café.

Minstens 150 mensen reageerden na het verschijnen van die column in de commentaarsectie met hun eigen verhaal. De tekst werd meer dan 1.500 keer gedeeld. Een dag later volgden er nog getuigenissen op andere blogs, en uit de reacties daarop ontstond de hashtag #wijoverdrijvenniet.

Ik had niet kunnen voorspellen dat mijn tekst viraal zou gaan en de aanleiding zou worden van een beweging met een heuse hashtag. Het is mooi dat het idee om verhalen te delen zo breed is gegaan. Maar ik wil niet vals bescheiden zijn: nu ik zie hoeveel indruk woorden kunnen maken, had ik daar uiteraard graag meer erkenning voor gekregen. Al was de persoonlijke overwinning het moment dat de vrienden van in het café me vertelden dat ze het nu snapten. Een moeder liet dan weer weten dat ze met haar drie zonen rond de tafel was gaan zitten om over het thema te praten. Dat ontroert me. Uiteindelijk is dat het belangrijkste.

Dat verhaal van de Spinnenman kreeg overigens nog een staartje. Een vrouw die mijn column had gelezen, had iets soortgelijks meegemaakt en was naar de politie gestapt. De Gentse politie, die zulke misdrijven ernstig neemt, vroeg of ik alsnog aangifte wilde doen – dat was nog niet in me opgekomen. Ze vroegen of ik hem kon identificeren op basis van een robotfoto, maar het bleek om een andere man te gaan. Achteraf gezien heeft het incident me meer geraakt dan ik dacht. Ik zeg niet makkelijk ‘ja’, maar blijkbaar ook niet makkelijk ‘nee’. Mensen stellen te weinig vragen bij dit soort gedrag. We accepteren het als iets wat kan gebeuren. Dat is niet oké.

Het voelde vreemd om te ontdekken dat mensen zich in mijn verhalen herkennen, maar het geeft me ook meer zelfvertrouwen. Ik krijg niet alleen erkenning als schrijver, ik heb blijkbaar ook iets te vertellen. Ik ben iemand die ten strijde trekt, ja, maar ik doe het met veel liefde. Sommige mensen noemen me naïef, maar niemand wordt beter van ruzie en negativiteit. Door de talrijke reacties geloof ik steeds meer in de kracht van de massa. En we zullen die strijd winnen, daar ben ik zeker van.’

 

Dit interview verscheen op 16 december in de kerstspecial van Knack.